
Neptunea 2(3):
Diepwatersoorten van Mollusca in de Straat van Mozambique, Deel I, pp.1-27 + figuren door Frank Nolf & Johan Verstraeten.
Tot in 1973 gebeurde de garnaalvangst langs de Malagassische kusten op een diepte van 5 tot 25 meter. De stocks begonnen geleidelijk te slinken en de productie kon de 8.000 ton per jaar niet overschrijden. Daarom werd er gestart met de prospectie van nieuwe visgronden langs de flanken van het continentale plat op diepten van 100 tot 1.000 m. Vooral nabij Toliara (Z.W.-Madagaskar) bleken de omstandigheden relatief goed om tot diepzeevisserij over te gaan, maar ook Mahajanga en Nosy-Bé schonken voldoening. Tijdens de verkenning voor de toekomstige garnaalvisserij werden meer dan 250 verschillende soorten schaaldieren aangetroffen, waarvan slechts een klein gedeelte werkelijke commerciële waarde bezat. Op het einde van vorige eeuw en het begin van de 21ste eeuw werd gedurende een tiental jaren in de Straat van Mozambique gevist tussen diepten van 600 tot 800 m, tussen Toliara en Morondava. Tussen de fraai gekleurde garnaalsoorten van 20 tot 33 cm groot - erg gegeerd door de Japanners – werden tientallen interessante mollusken-soorten aangetroffen, waarvan een groot gedeelte nieuw was voor de wetenschap. Helaas waren de meeste exemplaren vaak bewoond door heremietkreeften en waren ze beschadigd door hun gastheer of door het gebruik van de sleepnetten.
In een trilogie wordt een systematisch overzicht bezorgd van de belangrijkste vondsten tijdens het voorbije decennium. Deel I behandelt de Gastropoda (Pleurotomariidae, Lottiidae, Trochidae, Turbinidae, Xenophoridae, Cypraeidae en Naticidae). De soorten worden uitgebreid besproken en geïllustreerd. Ze worden telkens vergeleken met vertegenwoordigers uit andere zeeën.
Sleutelwoorden: Straat van Mozambique, Madagaskar, Toliara, Mahajanga, diepwatermollusken, Gastropoda.